And It’s Goodbye From Him …

BFNL BDJ´s Cellar Full Of Remixes, Ingezonden columns

In 2018 moesten we opnieuw ‘Goodnight’ zeggen tegen een paar beroemde namen in de geschiedenis van de Beatles. Het bekendste slachtoffer is wel Geoff Emerick, dus we beginnen en eindigen deze speciale ‘in memoriam’ mix met Geoff.

Geoff Emerick werkte mee aan de belangrijkste albums van de Beatles. Hij is 72 jaar oud geworden . Emerick wordt gezien als een innovator op klankgebied en hij was bereid om alles te doen om zijn veeleisende klanten hun gewenste geluid te laten maken.

Toen John Lennon zei dat hij wilde klinken als de “Dalai Lama die op een berg zingt” voor het nummer “Tomorrow Never Knows” uit 1966, voedden Emerick en andere geluidstechnici zijn stem door middel van roterende luidsprekers om het te vervormen. “Ik herinner me de verrassing op ons gezicht toen de stem uit de luidspreker kwam, het was gewoon een van pure verbazing,” zei Emerick.

Emerick trad op 15-jarige leeftijd in 1962 in dienst en belandde bij zijn eerste sessie meteen bij de Beatles. “Het was de juiste plaats op het juiste moment,” vertelde Emerick in 2006 over zijn tijd bij de Beatles. “Het kan iedereen zijn overkomen,” zei hij. “Op het moment dat we die albums maakten, realiseerden we ons nooit dat het zou uitgroeien tot waar het zich in ontwikkelde.” Hij werd de rechterhand van producer George Martin, die in de jaren ’60 mee werkte aan vrijwel alle Beatles-albums.

Nadat de Beatles in 1970 uit elkaar gingen, bleef Emerick met Paul McCartney werken en produceerde zijn derde studioalbum ‘Band on the Run’. Hij werkte ook met Elvis Costello, The Zombies en Johnny Cash.

Zijn werk leverde hem vier Grammy Awards op, waaronder Best Engineer voor ‘Sgt. Pepper’s Lonely Hearts Club Band’, ‘Band on the Run’ en ‘Abbey Road’. Hij won in 2003 de technische Grammy voor ‘het verleggen van de grenzen van studio-opnametechnieken naar nieuwe grenzen van creativiteit en verbeeldingskracht’, aldus zijn website.

In 2006 bracht hij het boek uit: ‘Here, There and Everywhere: My Life Recording the Music of the Beatles’, dat allerlei interessante inkijkjes geeft in de opnames van Beatles albums.

Op 2 januari 2018 overleed Tony Calder, de muziekmanager die de debuutsingle Love Me Do van de Beatles promootte. De Britse platenproducer en manager werkte later met acts als Marianne Faithfull, Black Sabbath en Fleetwood Mac. Calder werd ingehuurd door de Beatles-manager Brian Epstein om de band in de vroege jaren zestig te promoten. Snel daarna vormden Calder en Rolling Stones manager Andrew Loog Oldham een PR-bedrijf genaamd Image. Het managede de Rolling Stones en promootte o.a. de Beach Boys.

En daarna een fragmentje van Ken Dodd. Hij was een komiek, zanger en af en toe een acteur. Hij werd in Engeland omschreven als “de laatste grote music hall entertainer”, en was vooral bekend om zijn live stand-up optredens. Hij had daarnaast ook nog 18 singels in de Britse Top 40, waaronder een Nummer 1 hit (“Tears”). The Beatles verschenen slechts eenmaal in het BBC-programma van Ken Dodd.

We horen daarna Kenneth Haigh acteren in ‘A Hard Day’s Night’. Hij speelde de rol van Simon Marshall in een van de beste scènes; de man die George Harrison niet herkende toen hij hem vertelde hoe hij indruk moest maken op ‘Susan’. “Oh, dat sjieke meisje die nooit wat goed doet” antwoordde George….. Haigh’s andere rollen omvatten het spelen van Brutus in “Cleopatra” met Elizabeth Taylor en Richard Burton.

En de mix eindigt met nog enkele woorden van Geoff Emerick. Vorig jaar kwam mijn eigen Claim to Fame: tijdens het bijwonen van een concert van de beroemde Beatles-covergroep ‘The Analogues’ in de Ziggo Dome merkte ik dat Emerick in de rij achter mij zat. Na het concert benaderde ik hem, maar ik had niet de moed om hem aan te spreken. De gelegenheid zal zichzelf niet opnieuw aanbieden………..

– Bob de Jong –