John Lennon/Plastic Ono Band – The Ultimate Collection (recensie Ron Bulters)

BFNL Album recensies, BFNL Columns

Tot mijn favoriete albums allertijden behoren onder meer Pet Sounds van The Beach Boys en John Lennon/Plastic Ono Band van John Lennon. Beide geven een kijkje in de ziel van de componisten, al had Brian Wilson op Pet Sounds wel de hulp nodig van tekstschrijvers. De stijl is wel volledig anders. Waar Wilson zijn onzekerheid verbergt achter een “wall of Sound”, geïnspireerd door zijn grote held Phil Spector, is de productie van Plastic Ono Band spaarzaam tot op het bot en de ironie is dat Plastic Ono Band ook geproduceerd werd door Phil Spector. Al moet er bij gezegd worden dat het vooral Yoko Ono en John Lennon zelf waren, die voor het geluid verantwoordelijk waren met een bezetting die over het algemeen slechts uit drie personen bestond.

Lennon op gitaar en de bijzonder strakke ritmesectie van Klaus Voormann op bas en Ringo Starr op drums. Hier en daar aangevuld door Billy Preston en Phil Spector op toetsen. Hoewel het album op acht sporen werd opgenomen, bleef op de meeste basistracks ongeveer de helft ongebruikt en werden de overige sporen gebruikt voor spaarzame overdubs in de vorm van een extra stem of een orgel.

De blu-rays bevatten niet alleen de audio van de zes cd’s in een hogere kwaliteit, maar bovendien een 5.1 mix in dolby digital en in dolby Atmos van het originele album.

Na 51 jaar is het originele album niet alleen van een nieuwe mix voorzien, maar in de meest uitgebreide variant, de boxset, uitgebreid tot maar liefst twee blu-ray’s en zes cd’s. De blu-rays bevatten niet alleen de audio van de zes cd’s in een hogere kwaliteit, maar bovendien een 5.1 mix in dolby digital en in dolby Atmos van het originele album, extra versies van de singles van The Plastic Ono Band uit 1969 en 1970 én de complete sessies voor het “zusteralbum” Yoko Ono/Plastic Ono Band.

Het originele album/new remix
Natuurlijk schreef Lennon al uiterst persoonlijke songs, maar met de single Cold Turkey en zijn eerste soloalbum gaf hij zijn ziel volledig bloot. Vanaf de loodzware kerkklokken die Mother inluidden aan het begin van het album tot de laatste noten van My Mummy’s Dead geeft Lennon een enorme inkijk in zijn leven. Wie denkt dat Lennon met de openingszin “Mother/You had me/but I never had you” niet dieper in iemands ziel kan snijden wordt bedrogen door het indrukwekkende eind waarin Lennon het letterlijk uitschreeuwt: “Mama don’t go, daddy come home.” Het zijn niet de enige songs waarin hij het uitschreeuwt. Ook in songs als Well Well Well, Remember en Isolation schreeuwt Lennon de pijn van zich af en ook op I Found Out spuwt hij zijn verbale gal in de microfoon: “Don’t let them fool you with dope and cocaine/No one can harm you/feel your own pain.” Veel krachtiger is het leven niet samengevat. Dat het album niet ontspoort in te diepe pijn komt door de afwisseling met prachtige ballads, die overigens even persoonlijk zijn als de rockers, maar toch voor een zalvend gevoel zorgen.

De nieuwe mix maakt elke voorganger min of meer overbodig. De surroundmixen voegen niet veel toe. Door de spaarzame begeleiding worden de achterspeakers voor niet veel meer dan ambiance gebruikt.

De bonustracks
Net als op de Imagine-box wordt het originele album gevolgd door het album in diverse vormen: Outtakes met andere opnames van de songs, de Element Mixes, waarin de nadruk wordt gelegd op een deel van de sporen van het definitieve album, de demo’s, raw studio-mixes en de Evolution Mixes, waarin de totstandkoming van de nummers wordt gevolgd.

Je zou verwachten dat de opnames van John Lennon/Plastic Ono Band een uiterst serieuze aangelegenheid waren, maar met name in de Evolution Mixes is te horen hoe ontspannen Lennon, Starr en Voormann waren. Een verder bewijs daarvan vinden we in een groot aantal jams, waarin Lennon – hij zou dat tot en met de opnames van Double Fantasy volhouden – tussen de takes door teruggreep naar oude rock ‘n’ roll nummers als Johnny B. Goode en Honey Don’t die uit de losse pols worden gespeeld, maar prima uit de verf komen.

Met zo veel uren aan extra’s is het ondoenlijk om alle versies de revue te laten passeren, maar er zijn vele hoogtepunten. Vooral de Element Mixes laten blijken waarom John Lennon/Plastic Ono Band zo’n meesterwerk is. Mother is bijvoorbeeld teruggebracht tot alleen de vocalen die zonder begeleiding het nummer nog indrukwekkender maken. In God horen we Lennon rustig zingen in een veel lagere toonsoort waardoor het nummer een andere lading krijgt. In Remember horen we als begeleiding alleen Ringo en Klaus. Zelden klinken een drummer en bassist zo hecht en strak.

Wie meent dat Ringo een zwakke drummer is: op geen van de opnames gaat Ringo de fout in. De plaat Yoko Ono/Plastic Ono Band werd opgebouwd uit delen van spontane jams die vaak meer dan een kwartier duurden, maar ondanks de vaak onconventionele structuren is de begeleiding van Lennon, Voormann en Starr misschien nog wel indrukwekkender dan op het album van John.

De kippenvelmomenten zijn er ook buiten de Element-mixen genoeg.

De kippenvelmomenten zijn er ook buiten de Element-mixen genoeg: een compleet anders opgebouwde versie van Cold Turkey met geheel andere gitaarpartijen, de opnames met de onzekere pianobegeleiding van Phil Spector op Love, wat het nummer ook zijn uiteindelijke breekbaarheid gaf, de prachtige versies van Instant Karma! waar Lennon zijn stem letterlijk stuk zingt – zo erg dat zijn opmerking op het eind “Check it to see if we’ve got it” amper nog te verstaan is.

John Lennon/Plastic Ono Band is niet het eerste album die een boxset kreeg – de trend werd overigens, als ik mij niet vergis, gezet met het al eerder genoemde Pet Sounds van The Beach Boys, maar er zijn weinig boxen die zo’n monumentale omvang hebben gekregen als John Lennon/Plastic Ono Band – The Ultimate Collection.

Zelfs de grootste critici van Yoko Ono kunnen moeilijk ontkennen dat dankzij haar toestemming de archieven wederom ruimhartig opengezet werden, want hoewel al heel veel materiaal met ons gedeeld werd doormiddel van de meer dan 200 uur (!) durende radioserie The Lost Lennon Tapes en de Anthology-boxopnames, is deze box geen gemakkelijke melkkoe. Nee, het is een met zorg samengestelde box. Niet alleen door de muzikale inhoud, maar ook door het schitterende boekwerk in de box.

Voor dit jaar liggen hoogstwaarschijnlijk nog boxsets van George Harrisons All Things Must Pass en een box rond Peter Jacksons versie van Let it Be in het verschiet. Hopelijk ook nog een Archive-uitgave van een McCartney-album, maar de lat is qua Beatlesgerelateerde albums voor 2021 meteen zo hoog gelegd dat ik alleen maar kan hopen dat mijn stelling dat dit de belangrijkste uitgave van dit jaar is, van tafel wordt geveegd.

Ron Bulters