‘ONS VENTJE’

BFNL BFNL Columns, Then There Was Music

Het is een armoedig ogend plaatje. Zouden zijn dromen ook maar enigszins de grootsheid van zijn toekomst benaderd hebben? Zou hij zich op dat moment hebben kunnen voorstellen hoe eindeloos ver hij de armoedigheid van die omstandigheden achter zich zou laten? Op de stemmige zwartwit-foto hangt de was buiten over een groot deel van het plaatje. Voor de hol ogende schutting, onder de was zit ‘ons ventje’, amper twintig jaar, met een gitaar. Een foto gemaakt door jongere broer Mike: ‘Our Kid through Mum’s Net Curtains’. Niet veel later zou ‘Our Kid’ ‘Everybody’s Kid’ worden. In 2005 vond deze foto een plek op de hoes van McCartneys studioalbum ‘Chaos And Creation In The Backyard’.

Een McCartney op leeftijd heeft iets dubbels: enerzijds blijft Paul voor mij altijd de man wiens foto’s midden jaren ’70 van de vorige eeuw mijn schoolagenda nog enigszins bestaansrecht gaven. Ik plakte de agenda helemaal vol met foto’s van The Beatles en van McCartney van na The Beatles. Zo kon ik er tenminste nog naar kijken zonder al te grote tegenzin. Dus een ouder wordende Paul klopt niet helemaal met mijn ‘agendabeeld’; ik zie hem vooral zoals hij er toen uitzag en de Paul van nu lijkt in zekere zin een andere man te zijn. Aan de andere kant: een ouder wordende Paul doet nog steeds wat hij altijd gedaan heeft, maar er komt ook een laag bij. Zo kijkt hij op veel latere albums terug op zijn eigen Beatlesverleden. Altijd met liefde, af en toe met een beetje ergernis richting de zogenaamde kenners (Early Days) en soms met de verwondering van een buitenstaander, zoals bijvoorbeeld. in ‘That Was Me’ op ‘Memory Almost Full’. ‘Our Kid’ heeft – getuige de tekst van die song – zijn eigen dromen ver overtroffen.

De drie albums die McCartney in het eerste decennium van deze eeuw uitbracht horen bij mijn lievelingsalbums van de man en ‘Chaos’  waardeer ik daarvan het meest. Het album werd ook door de recensenten erg goed ontvangen. De keuze om dit keer met een producer te werken is de kwaliteit ten goede gekomen. Nigel Godrich durfde McCartney telkens weer terug te fluiten bij alles wat hij aandroeg dat niet aan de kwaliteitseisen voldeed. McCartneys gemakzuchtige kant kreeg zo geen ruimte. Dapper en knap: Paul schijnt niet zo heel erg open te staan voor kritiek. Verder wilde Godrich dat McCartney alle instrumenten zoveel mogelijk zelf zou bespelen. Geen probleem natuurlijk, maar het drumwerk zou er baat bij hebben gehad als Abe Laboriel jr. dat voor zijn rekening had  genomen.

Het album is harmonisch een mooie staalkaart van typische McCartneydingetjes zoals de vertroebeling van toonsoorten, de uitbreiding van akkoorden met septiem, none enz. waardoor er complexere harmonische constructies ontstaan, samenzang met een tweede stem die bij voorkeur boven de melodie geplaatst wordt, cadensvariaties die de standaard V I-verbinding mijden (hoewel deze ook goed vertegenwoordigd is), opvallende modulaties etc.

Aan de ene kant van het harmonisch spectrum staat English Tea; een nummer dat zich helemaal beweegt binnen wat je mag verwachten in de toonsoort G. De melodie zweeft grotendeels over een op een dalend baslijntje gebouwde harmonisatie die steevast via de dominant D-tonica G bereikt. Alleen het ‘Miles and Miles’-deel wijkt af en is in overwegend kwinten geharmoniseerd.

Aan de andere kant staat Anyway. Het bestaat uit drie blokken met elk een eigen toonsoort: G- groot voor het begin (inleiding en ‘if you love me’), waarna het “only love’-deel in a mineur staat. Dit deel eindigt met een afwisseling van Am en de vierde trap D over een orgelpunt op A, waarna, vanaf ‘Anyway’ deze vierde trap opeens naar voren geschoven wordt als de nieuwe eerste trap. Na de ‘Ahs’ volgend op ‘at home’ stapt de muziek zonder verdere franje terug naar de begintoonsoort G voor een herhaling. Met name het tweede blok is harmonisch interessant door de vele voorhoudingen etc. die het een zekere mate van dissonantie (vaak) zonder oplossing geven. Het begint op ‘Only Love’ met een Bm7 akkoord over een E-bas, waarna i.p.v. te ontspannen, een E overmatig volgt die op zijn beurt weer Fis halfverminderd als opvolger krijgt, terug naar E overmatig en dan pas Am (When did I begin). Een passage die lang lijkt te zoeken naar vastigheid, misschien om de vraag aan het eind te kleuren? Hoe dan ook, de ontspanning van het D-majeurdeel is een aangename. De pianopartij is in de hele song ook de moeite waard. Na een langere stilte volgt een improvisatorische afsluiting van het album.

Ik denk niet dat er een tweede decennium is waarin Paul alleen maar bovengemiddeld goede albums heeft afgeleverd.

‘Chaos’ is een album vol hoogtepunten; ‘Jenny Wren’ met z’n ‘Blackbird’-achtige gitaarpartij die een melodielijn en een baslijn combineert, ‘How Kind Of You’, waarin tapeloops een belangrijke rol spelen. Een album waarop McCartney op een bepaalde manier nog steeds ‘Our Kid’ is en in alles zijn eeuwige optimisme met ons deelt. Mede dankzij Nigel Godrich (of vooral dankzij hem?) kent dit album geen nummers die ik enkel uitzit omdat ik te lui ben om de naald te verzetten. Ik denk niet dat er een tweede decennium is waarin Paul alleen maar bovengemiddeld goede albums heeft afgeleverd. Maar goed: het zijn er ook ‘maar’ drie en in de jaren ’70 van de vorige eeuw waren het er veel meer, waardoor de kans op missers groter wordt. En de hoes? Met enige regelmaat hangt de lp-hoes hier in een wissellijst aan de muur: een prachtig plaatje.

Ton Steintjes